Ruimte voor verandering: Hoe onderwijs écht gelijke kansen kan bieden
Het Nederlandse onderwijssysteem wordt volop bediscussieerd - maar blijft vooral hetzelfde. Hoewel het systeem gelijke kansen zou moeten bieden aan alle kinderen, blijkt de praktijk anders. Veel jongeren die niet binnen de gestelde kaders passen, worden over het hoofd gezien, en blijven achter. Volgens onderwijsexpert en NIVOZ-bestuurder Jan Jaap Hubeek is dit pure talentverspilling. “Ik zie zoveel mooie kinderen die niet in het systeem passen. Hoe kan het toch dat we in een land met zóveel kennis en middelen een ongelijk speelveld blijven creëren?”

Om deze kwestie verder te verkennen, sprak Hubeek met Heleen Terwijn, oprichter van IMC Weekendschool, en Jeltske van der Wal, conceptontwikkelaar bij de organisatie. Terwijn’s onderwijsconcept stimuleert de natuurlijke motivatie van jongeren, los van hun schoolprestaties. “We hebben een ‘diplomahiërarchie’ en de kinderen weten dit. Ze voelen dat ze constant worden ingedeeld,” legt Terwijn uit. “Bij ons ontmoet je elke week nieuwe gastdocenten die je onbevooroordeeld benaderen. Dit geeft kinderen telkens weer de kans om te laten zien wie ze zijn en wat ze kunnen.” Oud-leerlingen van de weekendschool geven terug dat deze aanpak hun zelfvertrouwen, toekomstperspectieven en doorzettingsvermogen heeft gevormd.
Een systeem dat meet, maar niet begrijpt
Het huidige onderwijssysteem legt de nadruk op gestandaardiseerde resultaten, waarbij kinderen worden beoordeeld op cognitieve prestaties. “Het streven naar efficiëntie is een maatschappelijk fenomeen,” zegt Hubeek. “De focus op meetbaarheid heeft het onderwijs zielloos gemaakt.” Dit beperkt niet alleen de ontwikkeling van kinderen, maar ook de manier waarop leraren naar hun leerlingen kijken.
Jeltske van der Wal merkt op: “Leerkrachten moeten bepaalde resultaten leveren en toetsen. Hierdoor verliezen ze vaak het persoonlijke perspectief op hun leerlingen.” Een objectieve toetsing, zoals de CITO- toets, werd ooit beschouwd als een grote gelijkmaker. Toch werkt de ongelijkheid in de hand. “Als je meer middelen hebt, kun je bijles betalen,” zegt Terwijn. “Bovendien hebben sommige kinderen thuis meer stimulans en begeleiding dan anderen.”
‘Leerkrachten moeten bepaalde resultaten leveren en toetsen. Hierdoor verliezen ze vaak het persoonlijke perspectief op hun leerlingen.’
Wat willen we als maatschappij waarderen?
De kern van het probleem ligt volgens Terwijn in de vraag wat we als maatschappij echt willen waarderen. “Nu waarderen we hoge toetsresultaten en universiteitsdiploma’s. En bèta is dan weer beter dan alfa. Bij IMC Weekendschool waarderen we kinderen die tot bloei komen. Niet de leerling ‘zo hoog mogelijk’ afleveren, maar stimuleren een plek te vinden die past bij zijn of haar capaciteiten. Dat is waardevol voor de persoon én voor de maatschappij. Als je hun talenten niet ziet, gaan leerlingen geloven dat ze weinig kunnen.”
Terwijn voegt toe: “Voor alle duidelijkheid: bij de weekendschool zijn we er ook voor kinderen die wél hoog scoren op toetsen. Ook zij vinden ons onderwijs fantastisch.”
Een belangrijk ingrediënt van het weekendschool- concept zijn de bevlogen gastdocenten. Vanuit eigen overtuiging staan zij voor de klas en vertellen ze wat voor hen belangrijk is. Dit is zo uitnodigend dat kinderen als vanzelf hun best gaan doen om te begrijpen wat er verteld wordt. Wanneer deze manier van leren een gewoonte wordt, gaan ze automatisch meer leren. Ze leren veel grotere zaken: hoe het is om bezield ergens mee bezig te zijn, om grote en ook moeilijke vragen te stellen, om bewust in de maatschappij te staan.

‘Een onderwijswethouder in Amsterdam zei eens: Als ik naar de weekendschool ga, krijg ik weer hoop dat het wél kan.’
Ruimte voor verandering
Het onderwijssysteem biedt volgens Terwijn en Hubeek wel degelijk ruimte voor verandering. De knoop is dat het vaak blijft bij lokale initiatieven. “De politiek beweegt richting meer controle en maakbaarheid,” zegt Hubeek. “Besturen worden gedwongen meer samen te werken en controleerbaarder te zijn. In zo’n klimaat moeten we initiatieven als IMC Weekendschool beschermen, want de ruimte die onderwijs nodig heeft om te kunnen ontwikkelen, verdwijnt steeds meer.”
IMC Weekendschool biedt een belangrijk tegengeluid en hoop voor de toekomst. “Een onderwijswethouder in Amsterdam zei eens: ‘Als ik naar de weekendschool ga, krijg ik weer hoop dat het wél kan,’” vertelt Terwijn.
Voor haar begint het met het goede voorbeeld geven: “We zijn begonnen met dertig kinderen in Amsterdam Zuidoost. Met de jaren werd duidelijk dat we het reguliere onderwijs in moesten om dit onderwijs voor meer leerlingen beschikbaar te maken. We voeren ons concept zo goed mogelijk uit op onze tien weekendscholen en op een dertigtal voorbeeldscholen in het reguliere onderwijs. We tonen aan wat dit type onderwijs oplevert, zonder een meetcultuur, maar wel met wetenschappelijke onderbouwing.”
Moedige stappen vooruit
De weg naar een gelijk speelveld vraagt om moedige mensen die aan de bel trekken. Volgens Hubeek zal de verandering niet vanuit PABO’s of startende leraren komen, maar vanuit scholen die andere types leraren vragen. “Er moet vraag ontstaan naar ander onderwijs, en dan moeten er voorbeelden zijn van hoe dat eruit kan zien.”
Ook schoolbesturen spelen een grote rol. “Ze zouden hun scholen moeten durven inrichten vanuit een visie die gericht is op de capaciteiten van hun kinderen,” zegt Van der Wal. “Het systeem biedt ruimte, als je die durft te nemen. Iedereen in het onderwijs vormt een schakel en dit zou men zich veel beter mogen realiseren.”
Het is tijd voor een onderwijssysteem dat alle kinderen ziet en waardeert voor wie ze zijn. IMC Weekendschool laat zien dat het mogelijk is om een gelijk speelveld te creëren. Maar dit vraagt om samenwerking en steun. “Dit is geen makkelijke of snelle weg,” benadrukt Terwijn. “We hebben partners en scholen nodig die durven kiezen voor ander onderwijs. Die met onze steun deze stap willen zetten.”
NIVOZ staat voor Nederlands Instituut voor Onderwijs en Opvoedingszaken.
Vanuit de tien weekendscholen en de 32 voorbeeld basisscholen, waar het beproefde concept dagelijks wordt uitgevoerd, werkt IMC Weekendschool ook met basisscholen die het concept grotendeels zelfstandig willen gaan uitvoeren. Wie interesse heeft deze beweging te steunen is van harte uitgenodigd contact op te nemen met Jeltske: jeltske.vanderwal@weekendschool.nl.